BoltRead

Hans de Klokkeluider

by Johan Fabricius

nl · ~95 min at 250 WPM

(Alom ligt sneeuw, en in de bittere winterkou staan Snuf, een schrale duivelsdienaar, en zijn meester Satan voor de gesloten poort van de hel. Door Snufs grootspraak heeft Satans-moêr hen krijsend buitengesloten: zonder een volle zak gestolen zieltjes durven ze niet meer aan te kloppen. Zo trekken meester en knecht er in dit speelse toneelstuk weer op uit, de winterse wereld in, op zoek naar argeloze zielen. Hun pad kruist dat van de klokkeluider Hans, en wat als een schelmse duivelsjacht begint, groeit uit tot een strijd tussen list, verleiding en standvastigheid.

Fabricius weeft volkse humor en sprookjesachtige verbeelding tot een spel over goed en kwaad, verleiding en trouw. Achter het komische gekrakeel van duivels en heks schuilt een tijdloze moraal: dat oprechtheid en menselijke goedheid sterker zijn dan de listen van de hel. Een charmant, theatraal werk dat jong en oud weet te boeien.

Read this book

How it begins

(Alom ligt sneeuw. Het loopt tegen schemeren. De hel is een rots, waarin een zware, dubbele, met ijzer beslagen deur is gebouwd. Boven de deur een groote, ijzeren lantaren met rood perkament. In de deur zelf bevindt zich een klein tralievenstertje,—thans gesloten. Naast de deur een schelring aan een lange staaf.) (Als het scherm opgaat, staat Snuf, een schrale, roodharige duivelsdienaar, trappelend van kou voor de dichte deur. Hij heeft zijn handen tot aan de polsen begraven in zijn broekzakken, de schouders hoog opgetrokken. Ook zijn blauwe neus en wangen en zijn roode oogleden verraden, behalve een zekere genegenheid voor spiritualiën, de barre koude, waaronder Snuf te lijden heeft. Zijn neus mag men zonder overdrijving een wipneus noemen. Hij draagt een bont, gelapt manteltje, een spits mutsje; uit zijn jaszak steekt een jeneverkruikje zijn rood-gelakten hals te voorschijn. Verder verheugt Snuf zich in het bezit van een soort duivelsgitaar met driehoekige kast, die hem om den hals bungelt. Achter aan zijn broek draagt hij een staart, die ook de trots van een koe had kunnen uitmaken. Overigens uit zich het duivelsche in hem vooral in de bewegingen en stembuigingen.) (In de verte luidt een torenklok.) SNUF. (Klappertandend:) Brrrrrrr! Brrr! Brrrrrrrrrrr!

Text from Project Gutenberg, public domain.