BoltRead

Nederlandsche Doopnamen: Naar Oorsprong en Gebruik

by Jacobus Joannes Graaf

nl · ~195 min at 250 WPM

Om te gehoorzamen aan de wens van de Heilige Kerk, dat dopelingen de namen van Heiligen dragen, en tegelijk aan de vaderlandsche zede om kinderen naar voorouders, peters en meters te vernoemen, ontstaat er bij de naamkeuze niet zelden een spanning. Welke kerkelijk-latijnse naam beantwoordt aan den ouden Hollandschen of Frieschen vorm? Jacobus Joannes Graaf neemt deze vraag tot uitgangspunt en biedt, voortbouwend op de naamkundige studiën van Graff en Förstemann, een ordening van de Nederlandsche doopnamen naar hun oorsprong en gebruik. Hij schetst hoe bij de kerstening van West-Europa ook de persoonsnamen slechts zeer langzaam gekerstend werden, terwijl de oud-germaansche namen taai bleven voortleven.

Het boek verbindt godsdienstgeschiedenis, taalkunde en volkskunde tot één samenhangend verhaal over identiteit. Een naam, zoo betoogt Graaf, is geen toevallig etiket maar een levenslange band met heilige voorspraak én met de eigen voorouders. Door de aloude Germaansche namen in ere te herstellen, daar waar een vroegere lijst uit 1657 ze nog als louter heidensch afdeed, eert hij zoowel het Katholieke als het Nederlandsche erfgoed. Zoo blijft dit werk waardevol voor ieder die de wortels van onze voornamen en de stille geschiedenis achter een doopnaam wil verstaan.

Read this book

How it begins

Om te gehoorzamen aan de besluiten van Paus Urbanus VIII, verklaar ik, dat ik aan de titels van Heilige of Zalige, aan nog niet heilig verklaarde personen gegeven, geen ander dan menschelijk gezag toeken, behoudens die gevallen, welke reeds door den H. Apostolischen Stoel bekrachtigd zijn. J. J. GRAAF. Inleiding In het Rituale Romanum —het boek dat door de H. Kerk aan hare priesters ten gebruike is voorgeschreven bij de toediening der H.H. Sacramenten en verdere zegeningen—wordt aanbevolen, 1 dat bij het H. Doopsel aan de kinderen zooveel mogelijk de namen van Heiligen zullen gegeven worden, opdat de doopelingen door hun voorbeeld tot godvruchtig leven opgewekt, en door hunne voorspraak beschermd mogen worden. En onze katholieken zijn loffelijk gewend, zich naar dien wenk te gedragen. Wanneer het echter op de uitvoering aankomt, blijkt er niet zelden eenig overleg noodig; want niet genoeg is het dat die naam eens gegeven wordt: hij moet ook heel het leven door gedragen worden; en de dragers ervan zijn evenzeer kinderen van een gemeenschappelijk Nederlandsch vaderland als kinderen van de Katholieke Kerk. En zoo behoort dan ook deze dubbele eigenschap zich zoowel bij het geven als bij het dragen van den naam kenbaar te maken. De keuze dan van den naam regelt zich naar het gezegde verlangen der H.

Text from Project Gutenberg, public domain.