Vertellingen van vroeger en later tijd
Misschien schrikt het opschrift u af, maar laat u niet misleiden: dit boek opent met een geestige bespiegeling over de vraag waarom Amsterdam eigenlijk „hoofdstad” heet, terwijl Den Haag de zetel van regering en rechtspraak is. Vanuit die ironische inval voert J. van Lennep de lezer mee door een reeks vertellingen waarin geschiedenis, anekdote en verbeelding dooreenlopen. De verteller richt zich vertrouwelijk en speels tot zijn publiek, belooft de toon gaandeweg luchtiger te maken, en schildert het oude Amsterdam en het Nederland van weleer met een scherp oog voor stedelijke gewoonten, standsverschillen en menselijke ijdelheid.
Deze bundel toont Van Lennep op zijn best als verteller die eruditie met humor verbindt. Achter de losse, gemoedelijke verhaaltrant schuilen blijvende thema's: nationale identiteit, de macht van traditie boven feiten, en de vraag hoe het verleden onze instellingen vormt. Door „vroeger en later tijd” tegen elkaar te plaatsen, houdt de schrijver zijn tijdgenoten een spiegel voor en bewaart hij tegelijk een levendig beeld van de Nederlandse zeden en geschiedenis voor latere lezers.
How it begins
Misschien schrikt u het opschrift van dit hoofdstuk af, lieve Lezeres! en verkeert gij in den waan, dat ik u hier een dor, althans een politiek vertoog, ga opdisschen. Is zulks bij u het geval, dan miskent gij mijne bedoelingen. Neen, Mevrouw, of Mejuffrouw, wie gij zijn moogt! ik heb te veel eerbied voor uw gezond verstand om niet te weten, dat gij u met geen politiek bemoeit, en ik heb er u te liever om.—Maar al hadt gij ook onverhoopt eene geheime neiging tot de staatswetenschap, dan heb ik tevens te veel krediet voor het gezond oordeel van den smaakvollen vriend, die u den „Holland” als een St.-Nicolaasgeschenk aanbiedt, om niet te beseffen, dat hij zich wel zou wachten, die bestemming aan mijn boekje te geven, zoo hij kon gissen, dat het strekken kon om die neiging bij u te voeden.—Ik haast mij dus, om uwent- of om zijnentwille, u de verzekering te geven, dat zoo het opschrift, zoo ook de inhoud van dit eerste hoofdstuk weinig vermakelijks beloven voor het vervolg, ik gaandeweg een anderen toon zal aanslaan, om voor alles mijn best te doen, u zoomin mogelijk te vervelen.
Text from Project Gutenberg, public domain.